Voor een optimale weergave van deze pagina raden we je aan om je toestel in landschapsmodus te gebruiken.

Referentieregio

Waarom werden er referentieregio’s vastgelegd? Hoe zijn de referentieregio’s in Vlaanderen afgebakend? Tot welke regio behoort jouw gemeente?

Om tot een grotere coherentie te komen in de intermediaire structuren en om de regionale samenwerking te stimuleren, bakende de Vlaamse Regering referentieregio’s af. De referentieregio’s worden hét afstemmingsniveau voor intergemeentelijke en bovenlokale samenwerking in Vlaanderen. Regiovorming moet de huidige verrommeling tegengaan en leiden tot minder mandaten.

De Vlaamse Regering keurde op 12 maart 2021 een nieuwe kadernota goed die voorziet in de definitieve indeling in referentieregio’s. Er loopt nog een traject voor de regioafbakening in Limburg. Daarom wordt in de interactieve toepassing voor de Limburgse gemeenten voorlopig de provincie Limburg opgenomen als benchmark.

Op onderstaande kaart zie je welke gemeente tot welke regio behoort.

De regio’s zijn geen nieuwe structuur, maar worden zoveel als mogelijk de referentie voor de lokale, Vlaamse en federale afbakeningen. Alle info over de regiovorming en laatste stand van zaken vind je terug op de website van Lokaal bestuur.

Ben je benieuwd hoe jouw gemeente zich verhoudt tot de betreffende referentieregio? Bekijk dan het PDF-rapport 'Jouw gemeentescan' van je gemeente met de referentieregio als benchmark.

Niet elke referentieregio kent dezelfde uitdagingen. Op deze pagina schetsen we een aantal verschillen tussen de referentieregio’s vandaag. De indicatoren kennen twee soorten bronnen:
- indicatoren uit registerdatabanken: centrale databanken van andere (Vlaamse en federale) overheidsinstanties,
- indicatoren uit de burgerbevraging: grootschalige burgerbevraging bij de inwoners van alle Vlaamse gemeenten.

Regio Oostende kent het hoogste aandeel 65-plussers

Naar demografische situatie zien we enkele verschillen tussen de regio’s, zowel naar leeftijdsverdeling als naar bevolkingsdichtheid.

Het aandeel 0-3-jarigen is gemiddeld het laagste in Regio Oostende (3,2%) en Regio Brugge (3,3%). Dit zijn de enige regio’s waar het aandeel lager is dan 3,5%. Het grootste aandeel 0-3-jarigen vinden we terug in Halle-Vilvoorde (4,2%), gevolgd door de regio’s Zuid-West-Vlaanderen (4,1%) en Midwest (4,0%).

Als we kijken naar de 65-plussers, dan zien we dat in Regio Oostende (26,5%), gevolgd door Regio Brugge (25,2%) en de Westhoek (23,7%), gemiddeld het hoogste aandeel 65-plussers wonen. In deze regio’s zijn ook de grootste interne verschillen vast te stellen. Aan de andere kant vinden we gemiddeld het laagste aandeel 65-plussers terug in Halle-Vilvoorde (19,2%), het Waasland (20,2%), de Denderregio (20,5%) en Midwest (20,8%).

Wat de bevolkingsdichtheid betreft, zien we de hoogste dichtheid (met voorsprong) in Regio Antwerpen, met gemiddeld 1.200 inwoners per km². Op de tweede plaats volgt de regio Halle-Vilvoorde, met 895 inwoners per km². Gemiddeld zijn de laagste bevolkingsdichtheden terug te vinden in de Westhoek (200 inw./km²) en de Vlaamse Ardennnen (315 inw./km²). Ook zijn in deze regio’s de verschillen tussen de gemeenten met hoogste en laagste bevolkingsdichtheden eerder beperkt, terwijl dit verschil in Regio Antwerpen oploopt tot een verschil van 3125 inw./km² tussen de hoogste en de laagste waarde. Ook in de regio Halle-Vilvoorde zien we een groot verschil (verschil van meer dan 2000 inw/km²). Naast de lage bevolkingsdichtheden in de Westhoek en de Vlaamse Ardennen, is de bevolkingsdichtheid ook eerder laag in de Kempen, Midwest, Regio Brugge, Oost-Brabant en Waasland.

Bevolkingsdichtheid
Alle regio's, 2021, in aantal inwoners per km²

Bron: Statbel, via Statistiek Vlaanderen, bewerking ABB

 

Druk op open ruimte het grootste in Regio Antwerpen, het laagste in Westhoek

Het verschil in bevolkingsdichtheid vertaalt zich ook enigszins in een verschil in bebouwingsgraad. Ook hier kent Regio Antwerpen (met voorsprong) de hoogste bebouwingsgraad: gemiddeld 49% van de beschikbare ruimte is er bebouwd. Halle-Vilvoorde volgt met 39%, Zuid-West-Vlaanderen met 37% en Rivierenland met 34%. De regio Westhoek kent de laagste bebouwingsgraad met 16%, de Vlaamse Ardennen volgt met 21%.

Binnen de regio kent Halle-Vilvoorde de grootste diversiteit, met een bebouwingsgraad in gemeenten die varieert tussen 9% en 86%. Ook in Regio Antwerpen variëren de waarden voor de gemeenten sterk, namelijk tussen 19% en 81%. Daarentegen loopt de waarde in de Vlaamse Ardennen slechts op tot maximaal 33%. Ook in Waasland en Westhoek kent geen enkele gemeenten een gemiddelde bebouwingsgraad van meer dan 40%.

 

Halle-Vilvoorde kent hoogste toegevoegde waarde per inwoner, maar verschillen tussen gemeenten zijn er groot

Wat de bruto toegevoegde waarde per inwoner betreft, kennen Denderregio, Vlaamse Ardennen, Regio Oostende en Oost-Brabant de laagste gemiddelde waarden (minder dan 25.000 euro per inwoner). De hoogste gemiddelde toegevoegde waarden vinden we in Halle-Vilvoorde (40.500 euro per inwoner), gevolgd door Regio Antwerpen en Rivierenland (35.000 euro per inwoner). Opvallend is dat binnen de regio Halle-Vilvoorde de verschillen zeer groot zijn. Het verschil tussen de laagste en hoogste waarde bedraagt maar liefst 197.000 euro per inwoner. De drie Vlaamse gemeenten met de hoogste bruto toegevoegde waarde per inwoner bevinden zich tevens in deze regio.

Ook bij het aantal jobs per 100 inwoners op arbeidsleeftijd (d..i. de jobratio) zien we de hoogste gemiddelde waarden in de regio’s Midwest, Zuid-West-Vlaanderen en Halle-Vilvoorde (meer dan 75 jobs per 100 inwoners op arbeidsleeftijd). Het is ook binnen de regio Halle-Vilvoorde dat het verschil tussen de gemeenten het grootste is (verschil van meer dan 300). De laagste gemiddelde jobratio vinden we terug in Denderregio en Oost-Brabant (beiden 52 jobs per 100 inwoners op arbeidsleeftijd). Er zijn ook relatief lage waarden van de jobratio in Regio Oostende en Vlaamse Ardennen.

Naast de hoogste waarde bij de jobratio, kent de regio Midwest ook gemiddeld de laagste werkloosheidsgraad(3,6%). Maar ook Vlaamse Ardennen (4,2%), Oost-Brabant (4,4%) en Regio Brugge (4,5%) kennen een relatief laag aandeel werklozen. Oost-Brabant en Vlaamse Ardennen kennen dus een relatief lage werkloosheidsgraad ondanks de relatief lage jobratio. Het grootste aandeel werklozen is terug te vinden in Regio Oostende (6,5%), maar ook in Regio Antwerpen (5,9%) en Waasland (5,5%) is de werkloosheidsgraad hoog. Regio Antwerpen kent hierbij ook intern de grootste verschillen tussen de gemeenten (van 4,1% tot 13,4%).

Werkloosheidsgraad
Alle regio's, 2020, in procenten

Bron: Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding, via Statistiek Vlaanderen, bewerking ABB

 

West-Vlaamse regio’s kennen relatief lage inkomens, Vlaams-Brabantse regio’s relatief hoge

Het hoogste gemiddeld netto belastbaar inkomen per inwoner is terug te vinden in de regio’s Oost-Brabant (23.000 euro per inwoner) en Halle-Vilvoorde (21.900 euro per inwoner). Het laagste gemiddeld inkomen per inwoner is terug te vinden in de Westhoek (18.400 per inwoner). Ook de gemeente met het laagste gemiddeld inkomen per inwoner in Vlaanderen (14.600 per inwoner) is in deze regio terug te vinden. Anderzijds is het verschil binnen de regio tussen het laagste en het hoogste gemiddeld inkomen per inwoner hier het grootst (meer dan 12.000 euro per inwoner verschil). Ook in Regio Gent is het verschil binnen de regio groot (meer dan 11.500 euro per inwoner verschil).

Ook andere regio’s in West-Vlaanderen (Midwest, Zuid-West-Vlaanderen, Regio Oostende) hebben een relatief laag gemiddeld netto belastbaar inkomen per inwoner. Regio Midwest kent daarnaast het kleinste verschil tussen het minimum en maximum van de regio. Ook het maximum binnen de regio is in deze regio het laagste.

Als we daarnaast ook het aandeel kinderen bekijken dat geboren is in een kansarm gezin (d.i. de Kansarmoede-index van Kind & Gezin), dan zien we dat Regio Oostende de hoogste mediaanwaarde kent (15,7%), gevolgd door Westhoek en Regio Brugge (beiden 12,9%). De grootste interne verschillen binnen een regio zijn terug te vinden in Regio Antwerpen (33 procentpunten verschil tussen de hoogste en laagste waarde). Ook de verschillen binnen de Regio Brugge, Regio Gent, Kempen, Oost-Brabant, Vlaamse Ardennen en Gent zijn behoorlijk groot (meer dan 20 procentpunten verschil).

Kansarmoede-index
Alle regio's, 2019, in procenten

Bron: Kind & Gezin, via Statistiek Vlaanderen, bewerking ABB

 

Financiële schuld per inwoner laagst in Kempen

De regio met de laagste financiële schuld per inwoner is Kempen, met gemiddeld 503 euro per inwoner. Regio Gent (733 euro per inwoner) en Regio Antwerpen (739 euro per inwoner) volgen op enige afstand. Anderzijds zijn er drie regio’s waar de gemiddelde financiële schuld per inwoner meer dan 1.250 euro per inwoner bedraagt, namelijk Waasland (1.396 euro per inwoner), Regio Oostende (1.365 euro per inwoner) en Westhoek (1.270 euro per inwoner).

Wat de autofinancieringsmarge per inwoner betreft, ligt deze gemiddeld het laagste in Rivierenland (88 euro per inwoner), gevolgd door Regio Antwerpen (92 euro per inwoner), Denderregio (100 euro per inwoner) en het Waasland (102 euro per inwoner). De hoogste waarden vinden we terug in enkele West-Vlaamse regio’s: Regio Brugge (203 euro per inwoner), Regio Oostende (199 euro per inwoner), Midwest (180 euro per inwoner) en Westhoek (168 euro per inwoner).

Financiële schuld
Alle regio's, 2020, in euro per inwoner

Bron: Agentschap Binnenlands Bestuur

 

Hoge tevredenheid over buurt en gemeente in West-Vlaamse regio’s

De verschillen tussen de gemiddelde waarden per regio zijn kleiner bij tevredenheid over de buurt dan bij tevredenheid over de gemeente. Bij tevredenheid over de buurt liggen de waarden van de verschillende gemeenten binnen de regio’s ook dichter bij elkaar.

Regio Oostende kent het kleinste verschil tussen de hoogste en laagste waarde (8 procentpunten) wat betreft de tevredenheid over de buurt. Ook in de regio’s Midwest, Waasland en Westhoek liggen de waarden van de verschillende gemeenten relatief dicht bij elkaar. Daarnaast scoren bijna alle gemeenten van (de West-Vlaamse regio’s) Midwest, Westhoek, Regio Brugge en Regio Oostende boven het Vlaams gemiddelde.

Het verschil tussen de hoogste en laagste waarde binnen één regio is voor de tevredenheid over de gemeente groter, bij Waasland zelfs tot drie keer groter. Enkel in Westhoek, Regio Gent, Vlaamse Ardennen, Regio Brugge en Regio Oostende is het verschil tussen minimale en maximale waarde in de regio bij de tevredenheid over de gemeente gelijkaardig als bij de tevredenheid over de buurt. De minimale en maximale waarde liggen er dus in elkaars buurt. Voor Westhoek, Regio Oostende en Regio Brugge liggen de minimale waarden slechts 1 tot 4 procentpunten onder de waarde van het Vlaams gemiddelde. De grootste verschillen binnen de regio zijn bij de tevredenheid over de gemeente terug te vinden in de regio’s Oost-Brabant en Rivierenland.

 

Weinig buurthinder en laag onveiligheidsgevoel in Regio Brugge en Midwest

De regio Midwest kennen in het algemeen weinig buurthinder: zelfs de hoogste waarde van Midwest ligt onder het Vlaams gemiddelde. Deze regio kent ook het kleinste verschil tussen de verschillende gemeenten. Ook in Regio Brugge en Zuid-West-Vlaanderen ligt de maximale gemeentescore op buurthinder maar net hoger dan het Vlaams gemiddelde. In Waasland daarentegen kennen alle gemeenten relatief veel buurthinder. De minimale waarde binnen de regio ligt hier maar net onder het Vlaams gemiddelde. Maar ook in Denderregio en Regio Antwerpen scoren de meeste gemeenten relatief hoog.

Wat het onveiligheidsgevoel in de buurt betreft, zijn het vooral de regio’s Midwest en Regio Brugge die een relatief laag onveiligheidsgevoel hebben in alle gemeenten. De maximale waarde voor de gemeenten in deze regio’s zijn gelijk aan het Vlaams gemiddelde. Het is ook in deze regio’s, samen met Westhoek, waar de verschillen tussen de gemeenten het kleinste zijn. Daarentegen zijn in Denderregio de verschillen tussen de gemeenten het grootste. Ook in Rivierenland, Regio Gent en Kempen is het verschil tussen de gemeenten binnen de regio relatief groot.

Bij het onveiligheidsgevoel in de gemeente zien we dat dit wederom in Regio Brugge algemeen laag is, maar ook Westhoek kent een relatief laag onveiligheidsgevoel in de gemeenten: alle gemeenten in deze regio’s scoren onder het Vlaams gemiddelde. Eveneens zijn in deze twee regio’s de verschillen tussen de hoogste en laagste waarde het kleinste. De grootste verschillen binnen de regio zien we hier in Kempen terugkomen, alsook in Denderregio. 

 

Inwoners van Regio Oostende en Regio Brugge gooien meeste restafval weg

In Regio Oostende en Regio Brugge bedraagt de gemiddelde hoeveelheid restafval zo’n 200 kilogram per inwoner per jaar. Dit is beduidend meer dan in de overige regio’s, al wordt er ook relatief veel afval weggegooid door de inwoners van Westhoek (159 kilogram per inwoner) en Zuid-West-Vlaanderen (156 kilogram per inwoner). Inwoners van Oost-Brabant en Kempen hebben gemiddeld het minste restafval, zo’n 95 kilogram per inwoner per jaar. De interne verschillen binnen de regio zijn in Regio Brugge en Westhoek het grootste (meer dan 150 kilogram per inwoner verschil tussen de laagste en hoogste waarde), gevolgd door Regio Antwerpen en Regio Oostende.

Ingezameld restafval
Alle regio's, 2019, in kilogram per inwoner

Bron: Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij, via Statistiek Vlaanderen, bewerking ABB

 

Duurzaam verplaatsingsgedrag voor korte afstanden kent divers beeld tussen en binnen de regio’s

Er zijn aanzienlijke verschillen tussen de referentieregio’s op vlak van het vaak afleggen van korte afstanden te voet of per fiets.

In de regio’s Midwest en Vlaamse Ardennen scoren alle gemeenten onder het Vlaams gemiddelde wat betreft het regelmatig afleggen van korte afstanden te voet. De laagste waarden zijn eveneens in deze regio’s terug te vinden. Maar ook in Denderregio en Waasland blijft het grootste deel van de gemeenten onder het Vlaams gemiddelde. In de regio’s Rivierenland, Regio Oostende en Regio Antwerpen liggen de minimale waarden het hoogste. De laagst scorende gemeenten scoren hier dus nog steeds relatief hoog.

Wat betreft het regelmatig afleggen van korte afstanden per fiets zien we een iets ander verhaal. In Kempen scoren alle gemeenten op of boven het Vlaams gemiddelde. Ook in de regio’s Rivierenland, Regio Oostende, Waasland en Regio Antwerpen liggen de laagste waarden relatief hoog. Regio Oostende, Rivierenland en Waasland kennen daarenboven relatief weinig interne verschillen. De grootste verschillen binnen de regio vinden we terug in Denderregio.

 

In Vlaamse Ardennen zijn inwoners het meest tevreden over groenvoorzieningen

Als we kijken naar de tevredenheid over natuur en groenvoorzieningen in de gemeente, dan zien we in Vlaamse Ardennen dat deze tevredenheid bijna in alle gemeenten hoger ligt dan het Vlaams gemiddelde en dat het verschil tussen de hoogste en de laagste waarden binnen de regio het kleinste is. Ook alle gemeenten in Kempen scoren relatief hoog. In Oost-Brabant, maar ook in Regio Gent, liggen de waarden bij de gemeenten het verste uit elkaar (respectievelijk 46 en 41 procentpunten). Wat ook opvalt, is dat de regio’s Midwest en Zuid-West-Vlaanderen de laagste maxima bij de gemeenten in hun regio kennen en ook alle gemeenten relatief laag scoren.

De interne verschillen binnen een regio zijn relatief kleiner bij het aspect of er voldoende groen in de buurt aanwezig is. Het maximale interne verschil bedraagt 30 procentpunten en is terug te vinden in Regio Antwerpen. Ook Regio Gent, Rivierenland, Halle-Vilvoorde en Oost-Brabant kennen relatief grote interne verschillen binnen de regio. Ook hier scoren alle gemeenten van Vlaamse Ardennen relatief hoog. Ook de gemeenten in Westhoek en Regio Oostende scoren relatief goed op deze indicator.

 

Waasland en Denderregio kennen relatief lager vertrouwen in gemeentebestuur en politie

Wat het vertrouwen in het gemeentebestuur betreft, liggen de minimale en maximale waarden binnen Regio Oostende het dichtst bij elkaar en ligt de minimale waarde het hoogste van alle regio’s. In Regio Oostende is er geen enkele gemeente waar het vertrouwen onder 30% scoort, maar zijn er ook geen uitschieters boven 45%. Ter vergelijking: het Vlaams gemiddelde bedraagt 34%. Ook Waasland en Denderregio kennen intern kleinere verschillen (minder dan 20 procentpunten verschil), maar daar liggen de minimale waarden heel wat lager en scoren de maximale waarden niet boven respectievelijk 38% en 41%. De regio’s Brugge, Halle-Vilvoorde, Kempen en Oost-Brabant kennen de grootste interne verschillen, met meer dan 35 procentpunten verschil tussen de laagste en hoogste waarden.

Bij vertrouwen in de politie kennen de regio’s Vlaamse Ardennen, Regio Oostende, Waasland, Regio Brugge en Denderregio de kleinste interne verschillen. Regio Brugge kent hierbij hoge waarden (bijna allemaal boven het Vlaams gemiddelde), terwijl in de Vlaamse Ardennen, Regio Oostende, Waasland en Denderregio het merendeel van de gemeenten onder het Vlaams gemiddelde scoren en slechts enkele gemeenten rond het Vlaams gemiddelde van 47%.

Duik dieper in een ander thema of ontdek je gemeente binnen een thema

en/of
en/of